2018/071 OM heeft niet geprobeerd te voorkomen dat in beslag genomen geluidsapparatuur werd vernietigd

Politie Noord-Nederland neemt geluidsapparatuur in beslag wegens geluidsoverlast. Het OM verleent een machtiging tot vernietiging maar de eigenaar stelt beklag in bij de rechter. Rechter vindt dat spullen terug moeten. Dit gebeurt niet ondanks herhaaldelijke verzoeken van de eigenaar. Dan blijkt dat de items zijn vernietigd. De eigenaar klaagt hierover bij de ombudsman. Het blijkt dat vier items voor de uitspraak en het vijfde item na de uitspraak is vernietigd. De ombudsman vindt de klacht terecht en doet het OM de suggestie te overleggen met Domeinen om de kosten van het vijfde item te vergoeden aan de eigenaar.

Instantie: Openbaar Ministerie (parket Noord-Nederland)

Klacht:

niet heeft (proberen te) voorkomen dat verzoekers in beslag genomen geluidsapparatuur werd vernietigd

Oordeel: gegrond

De politie heeft geluidsapparatuur van verzoeker in beslag genomen vanwege geluidsoverlast. Verzoeker heeft het Openbaar Ministerie (OM) meerdere malen gevraagd om teruggave van de apparatuur. Ook heeft verzoeker beklag bij de rechter ingesteld. Vervolgens heeft de rechter teruggave van de apparatuur gelast. Daarna heeft verzoeker het OM meerdere malen gevraagd om teruggave van de apparatuur. Uiteindelijk werd verzoeker meegedeeld dat de apparatuur was vernietigd.

Verzoeker klaagt erover dat het OM niet heeft (proberen te) voorkomen dat zijn in beslag genomen geluidsapparatuur werd vernietigd.

Tijdens het onderzoek van de Nationale ombudsman bleek dat vier van de vijf in beslag genomen voorwerpen al waren vernietigd toen de rechter hiervan teruggave gelastte. Dit was anders ten aanzien van het vijfde voorwerp; dat was vernietigd nadat de rechter teruggave hiervan had gelast. Nu de rechterlijke last tot teruggave niet is uitgevoerd en zelfs is overgegaan tot vernietiging van het vijfde voorwerp waardoor de last ook nooit meer kan worden uitgevoerd, is naar het oordeel van de Nationale ombudsman het vereiste van betrouwbaarheid geschonden.

Vereiste van betrouwbaarheid, niet behoorlijk.

De Nationale ombudsman geeft de minister van Justitie en Veiligheid in overweging om het OM en Domeinen te laten overleggen over het vergoeden van de vervangingswaarde van het vijfde voorwerp aan verzoeker.

Kader

De politie kan een voorwerp in beslag nemen. Dit betekent dat de politie het voorwerp meeneemt en de eigenaar/beslagene geen beschikking meer heeft over het voorwerp. Als het beslag op het voorwerp voortduurt, is Domeinen roerende zaken (Domeinen) in beginsel de instantie die het voorwerp bewaart. Het Openbaar Ministerie (OM) beslist of het voorwerp kan worden teruggegeven of niet. Het OM kan ook beslissen dat het voorwerp wordt vernietigd of vervreemd. Kortweg kan dus worden gesteld dat de politie in beslag neemt, het OM beslist en Domeinen bewaart, verkoopt of vernietigt in opdracht van het OM.

Als de beslagene en/of de eigenaar het voorwerp terug wil dan kan diegene beklag instellen bij de rechter. De rechter kan vervolgens bepalen dat het voorwerp moet worden teruggegeven.

Aanleiding

Verzoeker stelt dat de politie geluidsapparatuur van hem in beslag heeft genomen vanwege geluidsoverlast. Vervolgens heeft hij brieven aan het OM gestuurd en heeft hij verzocht om teruggave van de geluidsapparatuur. Ook heeft verzoeker beklag ingesteld bij de rechter. De rechter heeft het klaagschrift gegrond verklaard en teruggave van de apparatuur gelast. Daarna heeft verzoeker het OM meerdere malen benaderd en gevraagd om teruggave van de apparatuur. Uiteindelijk werd verzoeker meegedeeld dat de apparatuur was vernietigd.

Onder verzoeker zijn vijf voorwerpen in beslag genomen:
- een computer;
- een zelfgemaakte speaker;
- een versterker;
- een hipro versterker;
- jamo speakers.

Klacht

Verzoeker klaagt erover dat het OM (parket Noord-Nederland) niet heeft (proberen te) voorkomen dat zijn in beslag genomen geluidsapparatuur werd vernietigd.

Bevindingen

Standpunt verzoeker

Verzoeker stelt dat hij brieven naar het OM heeft gestuurd en om teruggave heeft verzocht. Volgens hem heeft het OM niet gereageerd op deze brieven. Verzoeker is van mening dat zijn geluidsapparatuur te snel is vernietigd. Hij vindt dat het OM onzorgvuldig heeft gehandeld door zijn apparatuur te vernietigen, omdat hij van het begin af aan heeft aangedrongen op teruggave ervan. Uit de informatie van verzoeker komt het volgende naar voren:
- in december 2015 is de geluidsapparatuur in beslag genomen;
- in januari 2016 heeft het OM een machtiging tot vervreemding/vernietiging verleend;
- in mei 2016 verklaart de rechter het beklag gegrond en gelast de rechter teruggave van de apparatuur.

Informatie Domeinen

Naar aanleiding van verzoekers klacht heeft de Nationale ombudsman navraag gedaan bij Domeinen. Vervolgens heeft Domeinen laten weten dat de vernietigingsdatum 15 juni 2016 was. Op basis van deze informatie leek het erop dat alle geluidsapparatuur die onder verzoeker in beslag was genomen, was vernietigd nadat de rechter in mei 2016 teruggave had gelast. Ook heeft Domeinen laten weten dat op het moment van vernietiging geen teruggave beslissing van het OM was ontvangen.

Standpunt OM

In reactie op verzoekers klacht heeft het OM het volgende aan de Nationale ombudsman laten weten. Naar aanleiding van het rapport "Waar is mijn auto" (2016/075) van de Nationale ombudsman heeft het OM een eenduidige beschrijving van de klaagschriftprocedure over beslag opgesteld. Deze procedurebeschrijving is onder de aandacht van alle parketten gebracht. De zaak van verzoeker dateert van vóór het rapport van de Nationale ombudsman. In die tijd hanteerde de arrondissementsparketten nog de oude werkwijze.

Ook in verzoekers geval is deze oude werkwijze gevolgd. De oude werkwijze hield het volgende in. Het OM ontving de beschikking van de rechtbank in de beklagprocedure, het OM controleerde vervolgens in het beslagportaal de status van het voorwerp en het OM zette de uitkomst van de beklagprocedure in het beslagportaal (het centrale registratiesysteem voor in beslag genomen voorwerpen). In geval van een last tot teruggave, werd de beslissing van het OM over het voorwerp aangepast naar 'teruggave'. Dat betekende dat de bewaarder (in dit geval Domeinen) een melding kreeg dat het voorwerp terug kon naar de rechthebbende. Domeinen regelde verder de teruggave. Indien het voorwerp al was vernietigd of verkocht, dan werd een vergoeding door Domeinen uitgekeerd.

Het OM stelt dat de informatie van Domeinen over de vernietigingsdatum in dit geval niet geheel juist is. Op het moment dat verzoeker een klaagschrift indiende, waren vier van de vijf voorwerpen al vernietigd. Het OM heeft geprobeerd het vijfde voorwerp terug te krijgen, maar dat lukte niet omdat de verkoopprocedure al in werking was gezet. Het voorwerp is, zonder tussenkomst van Domeinen, vernietigd op het moment dat verkoop binnen de gestelde termijn niet was gerealiseerd. Volgens het OM is de beslissing van de rechtbank (de last tot teruggave) in het beslagportaal gemeld en was op dat moment niet te zien dat een deel van de goederen al was vernietigd. Op dezelfde dag is de beschikking van de rechtbank per mail gestuurd aan Domeinen met het verzoek tot teruggave van de genoemde voorwerpen. Voor zover het OM heeft kunnen achterhalen is destijds geen verzoek tot intrekking van de machtiging tot vernietiging/vervreemding aan Domeinen gestuurd.

Volgens het OM zijn onder verzoeker vijf voorwerpen in beslag genomen en zijn vier van de vijf voorwerpen al vernietigd voordat teruggave door de rechter was gelast. Het vijfde voorwerp is in juni 2016 vernietigd en dus nadat de rechter teruggave had gelast in mei 2016. Het OM ziet geen aanleiding een gebaar te maken richting verzoeker en het OM vindt zijn klacht ongegrond.

Overzicht

Nu de door het OM aan de ombudsman verstrekte informatie over de vernietigingsdatum verschilde van de door Domeinen verstrekte informatie hierover, heeft de ombudsman de informatie van het OM voorgelegd aan Domeinen. Vervolgens heeft Domeinen laten weten dat de door het OM genoemde vernietigingsdata juist zijn.

Op basis van de beschikbare informatie heeft chronologisch het volgende plaatsgevonden:
- in december 2015 is de geluidsapparatuur in beslag genomen;
- in januari 2016 heeft het OM een machtiging tot vernietiging/vervreemding verleend;
- in januari 2016 verzoekt de advocaat van verzoeker om teruggave van de voorwerpen;
- in maart 2016 worden vier van de vijf voorwerpen vernietigd;
- in maart 2016 herhaalt de advocaat van verzoeker het verzoek om teruggave van de voorwerpen;
- in mei 2016 verklaart de rechter het beklag gegrond en gelast de rechter teruggave van de apparatuur;
- in juni 2016 wordt het vijfde voorwerp (jamo speakers) vernietigd.

Reactie Domeinen

De Nationale ombudsman heeft zijn bevindingen tijdens het onderzoek voorgelegd aan verzoeker, het OM en Domeinen. Domeinen liet in reactie hierop weten dat een miscommunicatie de vernietiging van de speakers (het vijfde voorwerp) tot gevolg heeft gehad.

Beoordeling

Het vereiste van betrouwbaarheid houdt in dat de overheid binnen het wettelijk kader en eerlijk en oprecht handelt, doet wat zij zegt en gevolg geeft aan rechterlijke uitspraken.

Het instellen van beklag heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat ook nadat beklag is ingesteld een voorwerp in beginsel mag worden vernietigd of vervreemd. In het rapport "Waar is mijn auto?" (2016/075) heeft de Nationale ombudsman geoordeeld dat er in elke beklagzaak - binnen een korte termijn na het indienen van het klaagschrift - minimaal een afweging dient plaats te vinden door het OM. Bij dit beslismoment moet worden beoordeeld of het voorwerp kan worden teruggegeven en, zo nee, of moet worden gewacht met vervreemden/vernietigen totdat de rechter heeft beslist op het klaagschrift. Bij de vraag of de zaak 'on hold' moet worden gezet, kan bijvoorbeeld worden meegewogen hoe kansrijk het beklag is en of het voorwerp vervangbaar is of niet. Dit rapport van de ombudsman dateert van vóór het beslag, de vernietiging en de beslissing op het beklag in verzoekers geval.

In deze zaak bleken vier van de vijf voorwerpen al te zijn vernietigd toen de rechter teruggave hiervan gelastte. De vernietiging van deze voorwerpen kon het OM op dat moment dan ook niet meer voorkomen. Dit is anders ten aanzien van het vijfde voorwerp dat in juni 2016 is vernietigd. Dit voorwerp was nog niet vernietigd toen de rechter in mei 2016 teruggave daarvan gelastte. Het OM stelt dat het nog heeft geprobeerd het vijfde voorwerp terug te krijgen, maar dit niet lukte omdat de verkoopprocedure al in gang was gezet. Vervolgens is het voorwerp vernietigd toen verkoop binnen de gestelde termijn niet gerealiseerd was. Naar het oordeel van de Nationale ombudsman had – in ieder geval nadat het vijfde voorwerp niet verkocht werd – voorkomen moeten worden dat dit voorwerp alsnog werd vernietigd. De rechter had immers teruggave van dit voorwerp gelast.

Op basis van de informatie die de Nationale ombudsman heeft gekregen, is niet met zekerheid vast te stellen welke instantie had moeten voorkomen dat het vijfde voorwerp werd vernietigd. Het OM stelt dat de beslissing van de rechter in het beslagportaal is gemeld en per mail is verstuurd aan Domeinen. Aan de andere kant lijkt het erop dat het OM geen verzoek tot intrekking van de machtiging tot vernietiging/vervreemding aan Domeinen heeft gestuurd. Op haar beurt stelt Domeinen dat op het moment van vernietiging geen teruggave beslissing van het OM was ontvangen. Wat hier verder ook van zij, voor de Nationale ombudsman is van belang dat een rechterlijke last tot teruggave niet is uitgevoerd en zelfs is overgegaan tot vernietiging van het voorwerp waardoor de last ook nooit meer kan worden uitgevoerd. Dit is in strijd met het vereiste van betrouwbaarheid.

De onderzochte gedraging is deels niet behoorlijk.

Als een inbeslaggenomen voorwerp is vernietigd en de rechter daarna teruggave gelast, dan keert Domeinen de waarde uit die het voorwerp - kort gezegd - op de openbare veiling van Domeinen heeft opgebracht of redelijkerwijs zou hebben opgebracht. Dit is in het algemeen een aanzienlijk lagere waarde dan de vervangingswaarde. Nu aan verzoeker slechts de taxatiewaarde - en niet de vervangingswaarde1 - van het vijfde voorwerp is aangeboden, is verzoeker benadeeld door het niet uitvoeren van de rechterlijke last tot teruggave. Gelet hierop ziet de Nationale ombudsman aanleiding tot het doen van een aanbeveling.

In aansluiting op het voorgaande, wijst de Nationale ombudsman erop dat dit onderzoek en dit rapport overbodig hadden moeten zijn. Het niet uitvoeren van de rechterlijke last tot teruggave en de nieuwe werkwijze van het OM ten aanzien van beslag (zoals is weergegeven onder het standpunt van het OM), hadden voor het OM tijdens de interne klachtbehandeling aanleiding moeten zijn om zelf tot de conclusie te komen dat het vijfde voorwerp ten onrechte was vernietigd en hiervoor een vergoeding moest worden aangeboden. De Nationale ombudsman vindt het teleurstellend dat het OM deze conclusie destijds niet zelf heeft getrokken en het OM zelfs tijdens dit onderzoek niet tot dit inzicht is gekomen.

Conclusie

De klacht over de onderzochte gedraging van het Openbaar Ministerie, welke wordt toegerekend aan de minister van Justitie en Veiligheid, is deels gegrond, wegens schending van het vereiste van betrouwbaarheid.

Aanbeveling

De Nationale ombudsman geeft de minister van Justitie en Veiligheid in overweging om het Openbaar Ministerie en Domeinen te laten overleggen over het vergoeden van de vervangingswaarde van het vijfde voorwerp aan verzoeker.

De Nationale ombudsman,

Reinier van Zutphen

Notes

[←1]

De vervangingswaarde (dagwaarde) is het bedrag dat nodig is voor het verkrijgen van een naar soort, kwaliteit en ouderdom soortgelijk voorwerp.

Publicatiedatum
Rapportnummer
2018/071