Over de Nationale ombudsman

De Nationale ombudsman staat voor u klaar als het misgaat tussen u en de overheid. De Nationale ombudsman is onafhankelijk en onpartijdig. Hij doet zijn werk met een team van zo'n 170 specialisten.  Reinier van Zutphen is sinds 1 april 2015 Nationale ombudsman. Substituut-ombudsmannen zijn Joyce Sylvester en Kinderombudsman Margrite Kalverboer.

Wij helpen burgers op weg die een probleem hebben met de overheid. En wij laten overheidsinstanties weten hoe zij hun dienstverlening kunnen verbeteren. Bij problemen of klachten kan de Nationale ombudsman een onderzoek starten.

Eerst klagen bij de overheidsinstantie zelf

De Nationale ombudsman is een voorziening ‘in de tweede lijn’. Dat betekent dat u met een klacht eerst gebruik moet maken van de klachtregeling bij de overheidsinstantie zelf. Wij vinden het namelijk belangrijk dat de instantie eerst de kans krijgt de klacht naar uw tevredenheid op te lossen. Pas als u er samen met de overheidsinstantie niet uitkomt, kan de Nationale ombudsman uw klacht behandelen.

Wat wel en niet mag (bevoegdheden)

Wat de Nationale ombudsman wel en niet mag doen, ligt vast in de Algemene wet bestuursrecht. Zijn benoeming is geregeld in de wet Nationale ombudsman . De onafhankelijkheid van de Nationale ombudsman is terug te vinden in de Grondwet, hoofdstuk 4, artikel 78a.

De Nationale ombudsman doet onderzoek naar aanleiding van klachten van burgers. Hij kan ook een onderzoek starten op eigen initiatief.

In het onderzoek heeft de Nationale ombudsman veel bevoegdheden. Zo is de overheidsinstantie verplicht om mee te werken aan het onderzoek van de ombudsman. Ook voor getuigen is het onderzoek niet vrijblijvend; meewerken aan een onderzoek is verplicht. De ombudsman mag zelfs zo ver gaan dat hij getuigen thuis laat ophalen om aan het onderzoek mee te werken.

De Nationale ombudsman heeft bijna de hele overheid als werkterrein: de ministeries en hun onderdelen (zoals de Belastingdienst), andere bestuursorganen (zoals het UWV, de Sociale Verzekeringsbank en de Dienst Uitvoering Onderwijs, de politie, de waterschappen, de provincies en een groot aantal gemeenten.

Sinds 10 oktober 2012 is de Nationale ombudsman ook bevoegd om klachten over de lokale besturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba te behandelen. Dit betekent dat de Nationale ombudsman klachten mag behandelen over alle overheidsinstanties op de eilanden, zoals de Belastingdienst, het Openbaar Ministerie, politie en burgerzaken.

Alleen over gedragingen

De Nationale ombudsman behandelt geen klachten over het beleid van de regering, of over de inhoud van wetten. Wel als het over gedragingen gaat; dus over de manier waarop instanties hun overheidstaken uitvoeren. Dan mag de Nationale ombudsman een onderzoek beginnen. Bijvoorbeeld als een brief of verzoek traag behandeld is of als er geen reactie komt op een vraag van een burger. Of als een wettelijk voorschrift onjuist wordt toegepast.

Als de burger bezwaar kan maken of in beroep kan gaan bij de overheidsinstantie zelf, dan kan de Nationale ombudsman meestal niets doen. Hij zal dan verwijzen naar de instantie die het bezwaar of beroep kan behandelen.

Geen macht wel gezag

De overheidsinstantie waarover de klacht gaat, bepaalt zelf welke gevolgen het oordeel van de Nationale ombudsman heeft. Daarin is het oordeel van de Nationale ombudsman anders dan de uitspraak van de rechter. Een uitspraak van een rechter is bindend. Uitspraken van de Nationale ombudsman kunnen niet worden afgedwongen. De Nationale ombudsman moet het dus hebben van zijn gezag. Dat gezag wordt vooral bepaald door de kwaliteit van het werk: een zorgvuldig onderzoek naar de feiten, een goed onderbouwde en overtuigende beoordeling en een rapportage in leesbare vorm.

Klacht over de Nationale ombudsman

Als iemand een klacht heeft over de Nationale ombudsman of één van zijn medewerkers, dan wordt deze klacht behandeld volgens de Klachtregeling Bureau Nationale ombudsman. Deze regeling geldt als u klaagt over de manier waarop u door de Nationale ombudsman behandeld bent. Uitspraken van de ombudsman in de media zullen hier in het algemeen niet toe behoren, omdat u door deze uitspraken niet persoonlijk benaderd of benadeeld bent.