2017/052 UWV moet informatie van bedrijfsarts delen met aanvrager van deskundigenoordeel

Rapportnummer
2017/052
Rapport

Een werknemer had al langer moeite om zijn werk volledig uit te kunnen voeren vanwege lichamelijke klachten. Daarom nam hij levensloopverlof op. Tijdens dat verlof meldde hij zich ziek. Die ziekmelding werd niet geaccepteerd. Vlak voor hij zijn werk weer hervatte, vroeg de werknemer een deskundigenoordeel bij het UWV omdat hij wilde weten of hij zijn eigen werk weer volledig kon doen.

Bij een deskundigenoordeel met deze vraag moet de aanvrager een advies van de bedrijfsarts overleggen. Dat advies had verzoeker niet. Toch werd de aanvraag in behandeling genomen. Verzoeker ging naar het spreekuur van de verzekeringsarts; die nam daarna telefonisch contact op met de bedrijfsarts. Volgens de verzekeringsarts had de bedrijfsarts toen gezegd dat verzoeker in aangepast werk kon beginnen, maar dat hij dat had geweigerd. Later echter bleek dat de bedrijfsarts het zo niet had gezegd.

Op basis van het gesprek met verzoeker en het contact met de bedrijfsarts oordeelde de verzekeringsarts dat verzoeker geschikt was voor het aangeboden aangepaste werk.

De arbeidsdeskundige van het UWV nam de conclusie van de verzekeringsarts over in het deskundigenoordeel, maar had nog wel telefonisch contact met de werkgever voordat het deskundigenoordeel verzonden werd.

Verzoeker klaagde erover dat er geen hoor en wederhoor was toegepast nu hij niet had kunnen reageren op de visie van de bedrijfsarts voordat het oordeel geveld werd. Ook vond hij het niet terecht dat de arbeidsdeskundige wel met de werkgever maar niet met hem had gesproken voordat het deskundigenoordeel werd verzonden. Bij de Nationale ombudsman klaagde hij daarnaast ook over de onbegrijpelijke motivering in de klachtafhandeling door het UWV.

De Nationale ombudsman heeft de klacht over het gebrek aan hoor en wederhoor getoetst aan het vereiste van goede voorbereiding. Hij is van oordeel dat nu de aanvraag van verzoeker zonder advies van de bedrijfsarts in behandeling is genomen, de verzekeringsarts de later ontvangen informatie van de bedrijfsarts nog aan verzoeker had moeten voorleggen voordat hij zijn conclusie trok. De Nationale ombudsman oordeelt dat de klacht van verzoeker gegrond is wegens strijd met het vereiste van goede voorbereiding.

De klacht over de klachtafhandeling acht de Nationale ombudsman gegrond wegens strijd met het motiveringsvereiste.

Instantie: UWV Amsterdam

Klacht:

manier waarop verzoekers aanvraag van een deskundigenoordeel is behandeld.

Oordeel:
Gegrond

Instantie: UWV Amsterdam

Klacht:

tegenstrijdige informatie die verzoeker ontving tijdens de klachtafhandeling

Oordeel:
Gegrond