2017/084 Openbaar lichaam Bonaire (OLB) moet aanvraag taxikentekenplaat in behandeling nemen

Een inwoner van Bonaire heeft een taxi- en busbedrijf met drie voertuigen, maar slechts één taxiplaat. Hij verzoekt het OLB om zijn bedrijf twee extra taxikentekenplaten te verstrekken. Zijn aanvraag wordt afgewezen met als motivering een artikel van de Eilandsverordening. De ombudsman ziet niet in hoe uit dit artikel moet blijken dat de uitgifte van meerdere taxikentekenplaten niet mogelijk is. Hij vindt dat het OLB de aanvraag alsnog moet behandelen en het besluit correct moet motiveren.

Instantie: Openbaar lichaam Bonaire (OLB)

Klacht:

geen verstrekking van belastingnummerplaat (taxiplaat) voor tweede taxi voor bestaande taxibedrijf

Oordeel: gegrond

Diverse klachten en signalen uit Bonaire over de problemen die men daar ondervindt rondom het aanvragen van een taxivergunning. Aan de hand van vier concrete zaken is de kwestie aangekaart bij het OLB en zijn er uiteindelijk drie rapporten geschreven. In dit rapport staat de volgende klacht centraal:

Verzoeker heeft een op Bonaire opererend taxi- en busbedrijf. Dat bedrijf bezit weliswaar drie voertuigen, maar is in het bezit van slechts één taxiplaat. Door zijn bedrijf niet de gevraagde taxiplaten te verstrekken, wordt hij verplicht om per voertuig een regulier en daardoor duurder kentekenplaat aan te schaffen, in plaats van de goedkopere taxikentekenplaat. Door deze extra kosten wordt volgens verzoeker zijn bedrijf gehinderd in een verdere groei.

Verzoeker klaagt erover dat het OLB hem geen belastingnummerplaat (taxiplaat) heeft verstrekt voor zijn tweede taxi voor zijn bestaande taxibedrijf.

Het OLB liet in een reactie op de klacht weten dat meerdere taxivergunningen met meerdere taxikentekenplaten, als ware een taxicentrale waarbij meerdere taxi's voor het bedrijf rijden, niet mogelijk is en liet weten de motivering daarvoor te vinden in een artikel van de Eilandsverordening. De Nationale ombudsman ziet niet in hoe uit dat artikel zou moeten blijken dat een taxicentrale niet mogelijk zou zijn. Laat staan dat uit dat artikel zou moeten blijken dat uitgifte van meerdere taxikentekenplaten niet mogelijk is. Nog daargelaten het feit dat verzoeker reeds in het bezit is van een vestigingsvergunning om een taxi- en busbedrijf uit te oefenen, al jaren in het bezit is van een taxivergunning en het feit dat hij niet om een extra taxivergunning heeft verzocht, maar slechts een aanvraag tot een taxikentekenplaat heeft gedaan. Aangezien een heldere redenering ontbreekt om aan verzoeker geen taxikentekenplaat te verstrekken, heeft het OLB daarmee gehandeld in strijd met het vereiste van goede motivering.

Vereiste van goede motivering; klacht gegrond.

Aanbeveling:

  • Ik beveel het bestuurscollege aan om de aanvraag van een extra taxikentekenplaat alsnog in behandeling te nemen en de reactie op de aanvraag te voorzien van een deugdelijke motivering.

Uit het onderzoek naar de vier klachten blijkt dat de huidige procedure en werkwijze rondom het verstrekken van een taxivergunning onvoldoende garantie geeft voor objectiviteit bij de toewijzing van de vergunningen. Op het gebied van betrouwbaarheid van de overheid, het verstrekken van informatie naar de burger alsook het geven van een goede motivering blijft er ruimte voor verbetering. Om die reden zijn er niet alleen concrete aanbevelingen gedaan, maar ook enkele algemene:

  1. Breng en houd burgers actief op de hoogte rondom de behandeling van hun aanvraag voor een taxivergunning;

  2. Breid de Commissie Openbaar Vervoer (COV) uit naar het aantal leden dat de Eilandsverordening voorschrijft;

  3. Zet de voorwaarden op papier die de COV stelt om in aanmerking te komen voor een taxivergunning en maak deze voorwaarden openbaar.

Wat is de klacht?

De Nationale ombudsman heeft de afgelopen tijd diverse klachten en signalen ontvangen over de problemen die men ondervindt rondom het aanvragen van een taxivergunning, bijvoorbeeld over de voortgang van de wachtlijst voor een taxivergunning of het verkrijgen van een belastingnummerplaat (taxiplaat). Men zou geen reactie krijgen van het openbaar lichaam Bonaire (hierna: het OLB) op zijn aanvraag voor een taxivergunning en er zou onduidelijkheid bestaan over de volgorde waarin men voor een dergelijke vergunning in aanmerking komt.

Aan de hand van vier concrete zaken heb ik deze kwestie aangekaart bij het OLB. In dit rapport staat de volgende klacht centraal:

Verzoeker klaagt erover dat het OLB hem geen belastingnummerplaat (taxiplaat) heeft verstrekt voor zijn tweede taxi voor zijn bestaande taxibedrijf.

Wat ging er aan de klacht vooraf?

Bij Eilandsbesluit van 21 juli 2015 is bepaald om aan verzoeker een vergunning te verlenen met als doel:

  1. de uitoefening van een taxi- en een busbedrijf;
  2. het optreden als touroperator, het drijven van een informatiecenter voor toeristen en het verrichten van al hetgeen met het vorengaande in de ruimste zin verband houdt;
  3. de handel in, de verhuur en in- en verkoop van motorvoertuigen ten behoeven van zowel lokale mensen als voor toeristen en het verzorgen van routes voor de berijders daarvan.

Verzoeker heeft een op het eiland opererend taxi- en busbedrijf. Dat bedrijf bezit weliswaar drie voertuigen, maar is in het bezit van slechts één taxiplaat. Volgens verzoeker hebben andere op het eiland opererende bedrijven van soortgelijke aard ook meerdere voertuigen en/of autobussen en heeft ieder voertuig een eigen AB of TX nummerplaat1. Door zijn bedrijf niet de gevraagde taxiplaten te verstrekken, wordt hij verplicht om per voertuig een regulier en daardoor duurdere kentekenplaat aan te schaffen, in plaats van de goedkopere taxikentekenplaat. Door deze extra kosten wordt zijn bedrijf volgens verzoeker gehinderd in een verdere groei. Bij brief van 6 mei 2015 heeft verzoeker dit standpunt voorgelegd aan het OLB. In diezelfde brief verzocht verzoeker het OLB om zijn bedrijf twee extra taxikentekenplaten te verstrekken.

Aangezien er geen reactie vanuit het OLB kwam op zijn brief, verscheen verzoeker op
14 april 2016 op het spreekuur van de Nationale ombudsman op Bonaire.

Op 2 juni 2016 legde de Nationale ombudsman de zaak van verzoeker voor aan het OLB. Daarbij hebben we gevraagd wat de stand van zaken was rondom de aanvraag van de drie taxikentekenplaten. Ook hebben we het OLB gevraagd of er inmiddels al was gereageerd op de brief van verzoeker gedateerd van 6 mei 2015.

Op 16 juni 2016 liet het OLB ons weten dat het twee weken extra tijd nodig had voor de behandeling van (onder andere) deze klacht.

Op 4 juli 2016 ontving verzoeker een reactie van het OLB op zijn klacht. In deze reactie liet het OLB voor zover hier van belang het volgende weten. Verzoeker heeft sinds de jaren negentig een taxivergunning met kentekenplaat TX-AA (geanonimiseerd door No). Volgens het OLB zou verzoeker diverse keren mondeling aan de Commissie Openbaar Vervoer (hierna: COV) hebben aangegeven dat hij recht zou hebben op meerdere taxivergunningen met meerdere taxikentekenplaten; met ander woorden een soort taxicentrale waarbij meerdere taxi's bij zijn bedrijf in dienst zijn. Het OLB liet verzoeker weten dat de COV van mening was dat dit niet mogelijk was en verwees daarvoor naar artikel 3 van de Eilandsverordening Huurautodiensten van 12 februari 1962. In dat artikel staat dat een vergunning voor ten hoogste vijf jaren verleend mag worden aan een op Bonaire gevestigde natuurlijke persoon. Het OLB vervolgde dat desondanks verzoeker was blijven proberen om meerdere taxivergunningen voor zijn bedrijf te krijgen. In februari 2016 had een baliemedewerker van de afdeling Financiën contact gezocht met de secretaris van de COV, nadat verzoeker een aantal keer bij die afdeling was langs geweest om een taxikentekenplaat TX-BB (geanonimiseerd door No) op te halen. De commissie liet weten dat zij nog nooit advies aan het bestuurscollege had gegeven omtrent uitgifte van een nieuwe taxivergunning met kentekenplaat TX-BB. Het OLB gaf tot slot aan dat het voor hen onduidelijk was waarom verzoeker een klacht had ingediend. Zij beschouwden zijn klacht met deze brief als afgehandeld.

Op 14 juli 2016 liet verzoeker ons weten het niet eens te zijn met de reactie van het OLB op zijn klacht. Volgens hem haalt het OLB de termen 'vergunning' en 'taxiplaat' door elkaar. Verzoeker ontkende een extra taxivergunning te hebben aangevraagd. Dat was volgens hem ook niet nodig, omdat hij reeds een vergunning voor een taxibedrijf heeft. Hij benadrukte dat hij slechts een taxikentekenplaat voor zijn tweede taxi had aangevraagd. Verzoeker liet weten dat het financieel noodzakelijk is dat zijn bedrijf een taxikentekenplaat krijgt.

Onderzoek door de Nationale ombudsman

Aangezien de Nationale ombudsman in deze periode meer klachten en signalen ontving over de problemen die men ondervond rondom het aanvragen van een taxivergunning, werd besloten een onderzoek in te stellen. Op 7 november 2016 stelde de Nationale ombudsman een onderzoek in naar deze klacht en enkele andere hieraan gerelateerde klachten. In het kader van dit onderzoek stelde de Nationale ombudsman, voor zover hier van belang, de volgende vragen aan het bestuurscollege:

  1. Hoeveel taxivergunningen zijn er op dit moment op Bonaire uitgegeven?
  2. Hoeveel vergunningen zijn er in de afgelopen vijf jaar verstrekt?
  3. Het toerisme op Bonaire, en daarmee de vraag naar taxi's, neemt toe. Welke gevolgen heeft dit voor het verstrekken van taxivergunningen in de toekomst?
  4. Wat is de procedure voor het aanvragen en verstrekken van een belastingnummerplaat (taxiplaat)?

Naast deze vragen verzocht de Nationale ombudsman op 7 november 2016 het bestuurscollege ook om hem het actieplan voor het aanvragen van een taxivergunning te verstrekken; een maatregel dat het OLB naar aanleiding van een ander rapport van
7 oktober 2015 zou hebben genomen2. Tot aan het uitbrengen van dit rapport heeft de Nationale ombudsman geen actieplan van het OLB mogen ontvangen.

Ook verzocht de Nationale ombudsman om een gesprek met de Commissie Openbaar Vervoer (COV), zodat hij nader geïnformeerd kon worden over de werkwijze bij de behandeling van een aanvraag voor een taxivergunning. Op 24 november 2016 vond dit gesprek plaats op Bonaire met één lid van de COV; de andere leden van de commissie waren verhinderd. Tijdens dit gesprek stond de werkwijze van de commissie centraal. Verder liet het commissielid weten dat er in de afgelopen vijf jaar slechts vier nieuwe taxivergunningen door het bestuurscollege zijn verstrekt.

Op 26 januari 2017 ontving de Nationale ombudsman een antwoord op de gestelde vragen.

  1. Op dit moment zijn er drieëndertig taxivergunningen door het bestuurscollege verstrekt.
  2. De afgelopen vijf jaar zijn er vier nieuwe taxivergunningen door het bestuurscollege verstrekt.
  3. De gevolgen van de toename van de toeristencijfers ("stay overs en cruiseship tourist") op Bonaire kan leiden tot meer vraag naar taxivergunningen en kan mede leiden tot meer uitgifte van nieuwe taxivergunningen. Het is niet per definitie dat als de toeristencijfers toenemen, dat er direct nieuwe taxivergunningen uitgegeven dienen te worden. De stijgende toerismecijfers kunnen bijvoorbeeld ook worden opgevangen door nieuwe of bestaande tourbedrijven. Gelet op de ontwikkelingen van het laatste jaar is de commissie voornemens om het bestuurscollege te adviseren inzake dit punt. Verder wil het bestuurscollege nog in het eerste kwartaal van 2017 vernieuwing van beleid waarbij meer mogelijkheden gaan ontstaan bij aanvragen.
  4. Als het bestuurscollege middels ingewonnen advies van de COV een nieuwe taxivergunning verstrekt aan een natuurlijke persoon, dan zal de desbetreffende natuurlijke persoon één nieuwe TX-kentekenplaat krijgen. Bij een toekenning van een nieuwe taxivergunning wordt een aantal documenten verstrekt, zoals het besluit/de vergunning met daarop de voorwaarden (ondertekend door de gezaghebber en de eilandsecretaris), de gele rijvergunning oftewel de gele rijkaart (ondertekend door de gezaghebber) en een nieuwe taxikentekenplaat. Een natuurlijke persoon of bedrijf die al over een taxivergunning en dus ook over een taxikentekenplaat beschikt, kan geen nieuwe aanvraag indienen voor een tweede of meerdere taxikentekenplaten.

Op 6 april 2017 vond er een gesprek plaats op Bonaire, waarbij het OLB in de gelegenheid werd gesteld te reageren op het verslag van bevindingen van de Nationale ombudsman naar de vier concrete zaken. Het OLB liet, voor zover hier van belang, weten dat in deze concrete zaak een vestigingsvergunning was afgegeven. Er was dus een vergunning voor het starten van een bedrijf afgegeven, maar dat betekende niet dat er ook een vergunning was voor het uitvoeren van taxiwerkzaamheden. Het OLB lichtte verder toe dat verzoeker met een vestigingsvergunning in de hand een kentekenplaat wilde komen ophalen, echter zonder een vereiste taxivergunning. Voor een taxivergunning moet een aparte vergunning worden aangevraagd, aldus het OLB. Voor wat betreft het verstrekken van een actieplan voor het aanvragen van een taxivergunning, waar de Nationale ombudsman op 7 november 2016 om had verzocht, liet het OLB weten dat een dergelijk plan er niet is.

Wat is het oordeel van de Nationale ombudsman?

Vereiste van goede motivering

De Nationale ombudsman toetst deze klacht aan het vereiste van goede motivering. Dit vereiste betekent dat de overheid haar handelen en haar besluiten duidelijk aan de burger uitlegt. Daarbij geeft zij aan op welke wettelijke bepalingen de handeling of het besluit is gebaseerd, van welke feiten zij is uitgegaan en hoe zij rekening heeft gehouden met de belangen van de burgers. Deze motvering moet voor de burger duidelijk zijn.

In de onderhavige zaak laat het OLB weten dat meerdere taxivergunningen met meerdere taxikentekenplaten, als het ware een taxicentrale waarbij meerdere taxi's voor het bedrijf rijden, niet mogelijk is en laat weten de motivering daarvoor te vinden in artikel 3 van de Eilandsverordening3. In dit bewuste artikel staat beschreven dat een vergunning (tot het onderhouden van een huurautodienst) voor ten hoogste vijf jaren wordt verleend aan een in Bonaire gevestigde natuurlijke persoon. De Nationale ombudsman ziet niet in hoe uit dit artikel zou moeten blijken dat een taxicentrale niet mogelijk zou zijn. Laat staan dat uit dat artikel zou moeten blijken dat de uitgifte van meerdere taxikentekenplaten niet mogelijk is. Nog daargelaten het feit dat verzoeker reeds in het bezit is van een vestigingsvergunning om een taxi- en busbedrijf uit te oefenen, al jaren in het bezit is van een taxivergunning en het feit dat hij niet om een extra taxivergunning heeft verzocht, maar slechts een aanvraag tot een taxikentekenplaat had gedaan. Aangezien een heldere redenering ontbreekt om aan verzoeker geen taxikentekenplaat te verstrekken, heeft het OLB daarmee naar het oordeel van de Nationale ombudsman gehandeld in strijd met het vereiste van goede motivering.

Conclusie

De klacht over de onderzochte gedraging van OLB te Bonaire is gegrond wegens strijd met het vereiste van goede motivering.

Aanbevelingen

Ik beveel het bestuurscollege aan om de aanvraag van een extra taxikentekenplaat alsnog in behandeling te nemen en de reactie op de aanvraag te voorzien van een deugdelijke motivering.

Ik verzoek het bestuurscollege om mij binnen drie maanden te informeren over het opvolgen van mijn aanbevelingen.

De Nationale ombudsman,

 

Reinier van Zutphen

Notes

[←1]

AB = afkorting voor autobus, TX = afkorting voor taxi

[←2]

Rapport 2015/143 'En toen bleef het stil…'

[←3]

Eilandsverordening Huurautodiensten van 12 februari 1962.

Publicatiedatum
Rapportnummer
2017/084