2006/121

Rapport

Verzoekster klaagt over de wijze waarop zij tijdens een protestactie bij de Amerikaanse ambassade door ambtenaren van het regionale politiekorps is behandeld.

Verzoekster klaagde er in dit verband onder meer over dat haar is gevraagd of zij over een vergunning beschikte voor haar eenmansprotest.

De Nationale ombudsman overwoog dat in artikel 4 van de Wet openbare manifestaties (Wom) is vastgelegd dat het aan de gemeenteraad is om te bepalen in welke gevallen van vergadering en betoging op openbare plaatsen een voorafgaande kennisgeving is vereist. De gemeente Den Haag heeft dit nader uitgewerkt in artikel 10 van de Apv. Krachtens dit artikel dient de burgemeester tijdig en schriftelijk op de hoogte te worden gebracht van een voorgenomen manifestatie, waarna hij voorschriften en beperkingen aan de manifestatie kan verbinden. Gelet hierop oordeelde de Nationale ombudsman dat een vergunning voor het houden van een betoging helemaal niet is vereist en dat de politieambtenaren met deze vraag kennelijk hebben bedoeld te vragen of verzoekster aan de kennisgevingsplicht had voldaan en hiertoe een afschrift van het kennisgevingsformulier kon overleggen. Nu de Memorie van Toelichting op de Wom echter vermeldt dat deze wet slechts betrekking heeft op collectieve uitingen, oordeelde de Nationale ombudsman vervolgens dat verzoekster de burgemeester niet in kennis hoefde te stellen van haar eenmansactie. Door verzoekster desondanks te vragen naar haar "vergunning" had de politie het verbod van misbruik van bevoegdheid geschonden.

Het voorgaande gaf de Nationale ombudsman aanleiding de korpsbeheerder de aanbeveling te doen ervoor te zorgen dat de ambtenaren van zijn korps ervan doordrongen raken dat een eenmansprotest niet is onderworpen aan de in de Wom genoemde kennisgevingsplicht alsmede dat het bij manifestaties krachtens de Wom niet juist is om deelnemers daaraan te vragen naar een vergunning maar dat hen slechts kan worden gevraagd of aan de kennisgevingsplicht is voldaan en of zij hiertoe een afschrift van het kennisgevingsformulier kunnen overleggen.

Overige klachtonderdelen: aanhouding; identificatie; geweldgebruik, arrestantenzorg.

Instantie: Regiopolitie Haaglanden

Klacht:

Bij eenmansprotest van verzoekster: gezegd dat zij zou worden aangehouden als zij haar naam niet zou noemen, gevraagd of verzoekster beschikte over een vergunning voor haar eenmansprotest, verzoekster aangehouden.

Oordeel:

Gegrond

Instantie: Regiopolitie Haaglanden

Klacht:

Verzoekster bij keel gegrepen en op de grond gegooid; niet voor gezorgd dat verzoekster spoedig door een arts werd bezocht; verzoekster geen ijs gegeven voor haar schouderblessure.

Oordeel:

Niet gegrond

Instantie: Regiopolitie Haaglanden

Klacht:

Gezegd dat verzoekster geen spandoek in haar hand mocht houden.

Oordeel:

Geen oordeel