Een vrouw leeft onder de bijstandsnorm. Zij vraagt om kwijtschelding waterschapsbelasting 2024. Het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) geeft voor een deel kwijtschelding (als je een schuld niet hoeft te betalen). Het andere deel moet de vrouw betalen. Later vindt het HHNK dat de vrouw eigenlijk te weinig had om te kunnen rondkomen. Maar dat zij geen recht heeft op kwijtschelding. Zij had namelijk geen 'aanvullende' bijstand aangevraagd. Dat zij dan geen belasting kan betalen, was volgens de regels haar schuld, vond het HHNK. De vrouw is sprakeloos. Zij vraagt de ombudsman om hiernaar te kijken.
De ombudsman stelt vast dat de beslissing niet klopt. Ook de verschillende redenen kloppen niet. Duidelijk is dat de vrouw met haar bankafschriften heeft laten zien dat zij van het weinige dat zij had, kon rondkomen en alle kosten kon betalen. De ombudsman merkt op dat bij het invorderen van belastingen lang een misverstand heeft bestaan. Dat iemand geen (aanvullende) bijstand aanvraagt, betekent namelijk niet dat iemand verwijtbaar handelt. Niet volgens de landelijke invorderingsregels noch volgens het lokale invorderingsbeleid van het HHNK.
Het HHNK vond zelf dat de beslissing in dit geval herhaald onjuist was. Ook stelt het tijdens het onderzoek van de ombudsman vast dat de vrouw niet verwijtbaar heeft gehandeld. Het HHNK biedt de vrouw excuses aan en verleent alsnog volledige kwijtschelding. Ook past het HHNK haar werkwijze aan, zodat dit in de toekomst niet nog een keer kan gebeuren. De nieuwe werkwijze ligt meer in de lijn met de wijze waarop het Rijk wil omgaan met de vraag waarom iemand belasting (of terugvordering van toeslag) niet kan betalen en of iemand daaraan persoonlijk schuld heeft. De ombudsman vindt dit een mooie ontwikkeling.