Terecht gebruik van blinddoek bij aanhouding door arrestatieteam

Rapport

Een man lag te slapen, toen een arrestatieteam de voordeur van zijn woning forceerde en binnenviel. De man werd vervolgens door verschillende agenten met vuurwapens onder schot gehouden. Daarna werd hij geboeid en geblinddoekt overgebracht naar het politiebureau. 

De man vond de inzet van het arrestatieteam niet nodig. Hij was het er ook niet mee eens dat het arrestatieteam bij zijn aanhouding handboeien en een blinddoek gebruikte. Hier was helemaal geen reden voor. Hij diende hierover, via zijn advocaat, een klacht in bij de Nationale ombudsman. 

De Nationale ombudsman deed onderzoek naar deze klacht. Uit het onderzoek bleek dat het verleden van de man een belangrijke rol speelde bij de aanvraag en de toestemming voor de inzet van het arrestatieteam. De Nationale ombudsman kan dat begrijpen, gezien het verleden. De ombudsman begrijpt daarom ook de inschatting van de politie dat er een duidelijke kans bestond dat de man zich zou verzetten tegen aanhouding met gebruik van geweld. De inzet van een arrestatieteam is dan aangewezen. De klacht hierover is dan ook ongegrond.

Verder constateert de ombudsman dat politie en het Openbaar Ministerie (OM) niets registreerden na het telefonische overleg over de inzet van het arrestatieteam. Het OM heeft daarmee niet gewerkt volgens de voorgeschreven manier van werken. In dit geval is de inzet van het arrestatieteam achteraf toch voldoende inzichtelijk en controleerbaar.

Tot slot oordeelt de Nationale ombudsman dat het arrestatieteam handboeien en een blinddoek mocht gebruiken bij de aanhouding van de man. Het voldeed aan het beleid en alle feiten en omstandigheden. Ook deze klacht van de man vindt de ombudsman ongegrond.