Een vrouw ervaart al geruime tijd overlast door evenementen in haar directe woonomgeving. Zij probeert dit op meerdere manieren aan te kaarten bij haar gemeente. Ze heeft er moeite mee dat de gemeente vergunningen voor evenementen geregeld te laat publiceert. Hierdoor is het voor haar en anderen niet mogelijk om tijdig in gesprek te gaan of indien nodig in bezwaar of in beroep te gaan voorafgaand aan een evenement. De vrouw diende hierover een klacht in bij de gemeente. Ondanks aandringen door de Nationale ombudsman duurt het lang, bijna acht maanden, voordat de gemeente haar klacht formeel afhandelt. De gemeente vindt haar klacht gedeeltelijk gegrond en maakt wel excuses, maar de vrouw vindt dit onvoldoende en legt haar klacht opnieuw voor aan de ombudsman. De ombudsman start een onderzoek en stelt de gemeente een aantal vragen. Ook vraagt hij de gemeente om bij de beantwoording van zijn vragen te kijken naar een eerder rapport 'Van een koude kermis thuiskomen' (rapportnummer 2017/115). In dit rapport beschrijft de ombudsman wat omwonenden van hun gemeente mogen verwachten bij evenementen en benadrukte hij het belang van betrokken en oplossingsgericht gemeentelijk optreden en tijdige publicatie van vergunningen. Naar aanleiding hiervan erkent de gemeente dat de vrouw niet tijdig duidelijkheid kreeg over de geldende voorwaarden van het evenement en vindt haar klacht alsnog helemaal gegrond. Ook erkent de gemeente dat zij de klachtbehandeling anders had kunnen doen en geeft ze aan dat zij wil leren van de klacht van de vrouw.
De ombudsman toetste de klacht aan het behoorlijkheidsvereiste van goede informatieverstrekking. Ook betrok hij bij de beoordeling van de klacht de uitgangspunten die hij formuleerde in zijn rapport 'Van een koude kermis thuiskomen'. De Nationale ombudsman vindt de klacht gegrond. Hij stelt vast dat de gemeente vergunningen meermaals niet tijdig publiceerde en de klacht hierover niet tijdig behandelde. Tijdens het onderzoek nam de ombudsman er met instemming kennis van dat de gemeente de klacht over de publicatie van evenementenvergunningen alsnog geheel gegrond vond. Ook werd duidelijk dat de gemeente van de klacht wil leren. Dat vindt hij belangrijk en positief.