Een man is het niet eens met het beleid van de Nederlandse Staat. En hij vindt dat de Staat der Nederlanden is gebaseerd op een systeem van leugens. Hij vindt dat belastinggeld ten onrechte wordt besteed aan covid, klimaatbeleid, stikstofmaatregelen en het steunen van oorlogen. Hij stelt vragen aan de Belastingdienst of de Staat dat zomaar mag. Vervolgens schort hij zijn belastingbetalingen op totdat hij antwoorden ontvangt.
De Belastingdienst behandelt zijn brieven als een verzoek om een betalingsregeling. Dit verzoek wordt afgewezen. Hij moet betalen.
De man dient een klacht in bij de Nationale ombudsman. De klacht gaat er vooral over dat de Belastingdienst zijn vragen en zorgen niet inhoudelijk beantwoordt.
In een telefoongesprek hebben wij uitgelegd dat de Nationale ombudsman handelt binnen het kader van de wet. Dat geldt ook voor de Belastingdienst. De Ombudsman en de Belastingdienst kunnen de wet niet toetsen. De Belastingdienst moet de wet uitvoeren. En de ombudsman kan toetsen of de Belastingdienst dat op een behoorlijke wijze doet. In dit geval voldoet de man niet aan de voorwaarden voor een betalingsregeling. De ombudsman vindt de beslissing van de Belastingdienst begrijpelijk. De vragen van de man gingen over de rechtmatigheid van wetten. De Belastingdienst voert alleen de wet uit en gaat niet over de vaststelling van de wet of de besteding van het belastinggeld. Wij vinden het daarom begrijpelijk dat de Belastingdienst deze vragen niet heeft beantwoord.