2016/025 Onderzoek naar informatieverstrekking over eigen bijdrage Wmo

De Nationale ombudsman concludeert in zijn rapport 'Een onverwacht hoge rekening' dat burgers nauwelijks of geen informatie krijgen van hun gemeente over de hoogte van de eigen bijdrage voor hun ondersteuning. Hierdoor worden zij maanden later overvallen door soms zeer hoge facturen die zij niet zomaar kunnen betalen. De burger wordt veelal de dupe van de ingewikkelde uitvoering van de taakverdeling tussen Rijksoverheid en gemeenten. Wie hiervoor verantwoordelijk is, blijft onduidelijk.

Een onverwacht hoge rekening

In 2015 ontstond maatschappelijke onrust over de hoogte van de eigen bijdrage die werd berekend ingevolge de Wmo. Sinds gemeenten per 1 januari 2015 de zorg voor chronisch zieken en gehandicapten gedeeltelijk hebben overgenomen van het Rijk, mogen zij ook aan hen een eigen bijdrage vragen. Maar deze bijdrage zou voor deze burgers veel te hoog zijn, wat zelfs tot gevolg had dat zij zorg zouden gaan mijden.

Gemeenten meldden dat de problemen die zij ondervinden voornamelijk betrekking hebben op de ingewikkelde systematiek van de berekeningen en de codering. De ombudsman ziet dat, net als bij het systeem van het pgb-trekkingsrecht, ook bij de inning van de eigen bijdrage gekozen is voor een complex systeem van ingewikkelde overeenkomsten en financiële stromen waarop gemeenten, zorgaanbieders en de burger (en het CAK in mindere mate) niet altijd berekend blijkt te zijn. Onder andere problemen met de gegevensoverdracht leidden ertoe dat veel burgers te laat een factuur ('stapelfactuur') ontvingen waarop bedragen in rekening werden gebracht over voorgaande maanden. Ook ziet de ombudsman, net als bij het systeem van het pgb-trekkingsrecht dat het stelsel van de berekening van de eigen bijdrage is 'opgeknipt' in meerdere onderdelen, belegd onder verschillende instanties. De deelverantwoordelijkheid heeft het risisco in zich dat de burger van het kastje naar de muur wordt gestuurd, omdat geen instantie zich geheel verantwoordelijk voelt voor het product en de fouten, die daarin kunnen zitten.

Publicatiedatum
Rapportnummer
2016/025