Campermysterie

Op deze pagina

    Column
    Foto van een man met donker haar

    Wouter* zet elk jaar vanaf oktober zijn camper vijf maanden in de stalling en schorst dan het kenteken. Dat scheelt hem vijf maanden verzekeringskosten en motorrijtuigenbelasting. Dan krijgt hij een brief van de RDW: de camper is in december op de openbare weg gesignaleerd. Als hij niet binnen vijf weken kan aantonen dat zijn camper op de openbare weg mocht zijn, dan wordt de camper op zijn naam gezet per de datum dat de camper is gesignaleerd. Dat kan onder meer een naheffingsaanslag en boete van de Belastingdienst betekenen.

    Wouter belt de RDW en volgt zijn advies op: hij vraagt de RDW per aangetekende brief naar bewijsmateriaal zoals een foto van de overtreding. Er volgt geen reactie. Hij belt een aantal keer de RDW en krijgt steeds te horen dat een behandelend medewerker hem binnen twee dagen terugbelt,  wat niet gebeurt.

    Ten einde raad schrijft hij de Nationale ombudsman. Zijn wens is eenvoudig: kan de RDW hem vertellen of zijn aangetekende brief is aangekomen en welk bewijs er is van het signalement van zijn camper? Tweemaal vraagt de ombudsman de RDW hem hierover te bellen. Dan krijgt Wouter weer een brief van de RDW. De RDW heeft de zaak buiten behandeling gesteld en Wouter krijgt excuses voor de trage afhandeling. Wouter hoeft zich dus geen zorgen meer te maken.

    De ombudsman stelt de RDW nog een aantal vragen over de gang van zaken. Daaruit blijkt dat de Belastingdienst aan de RDW de melding had gedaan over de camper, maar geen foto's als bewijsmateriaal had gestuurd. Ook niet toen de RDW daar naar aanleiding van Wouters brief om had gevraagd. De RDW heeft besloten een vergelijkbare melding voortaan pas in behandeling te nemen en de kentekenhouder pas te benaderen als er van de Belastingdienst deugdelijke foto’s binnen zijn. De ombudsman vindt dit een goede ontwikkeling.

    Ook blijkt de RDW meerdere terugbelverzoeken te hebben geregistreerd naar aanleiding van Wouters telefoontjes. Normaal gesproken belt de RDW binnen 48 uur terug. Bij Wouter is dat niet gebeurd en dat is niet juist, zo erkent de RDW. En, zo geeft de RDW aan, misschien had Wouter ook beter gebeld kunnen worden over de afloop. De ombudsman is het daar mee eens. De RDW had dan in een persoonlijk contact met Wouter excuses kunnen aanbieden. Niet alleen voor de trage afhandeling, zoals nu in de brief is gebeurd, maar ook voor het feit dat Wouter nooit is teruggebeld. Als er dingen mis zijn gegaan tussen de overheid en een burger kan persoonlijk contact bijdragen aan herstel van de relatie tussen hen.

    * Gefingeerde naam
    De persoon op de foto is niet de persoon uit deze column