2014/137 Nederlandse ambassade moet duidelijk zijn over mogelijkheid tot juridische bijstand bij visumaanvraag

Rapport

Verzoekster, woonachtig in Suriname, wilde afreizen naar Nederland. Omdat een eerder verzoek om een visum van kort verblijf voor Nederland was geweigerd, vroeg verzoekster aan haar advocaat om haar bij een nieuwe visumaanvraag bij te staan. Om een visumaanvraag bij de Nederlandse Ambassade in Paramaribo in te dienen, dient er eerst een afspraak te worden gemaakt. Ter toelichting op haar visumaanvraag werd verzoekster in april 2014 uitgenodigd door de Ambassade. Samen met haar advocaat, die zij tevens had gemachtigd, meldde zij zich die dag bij de Ambassade. De baliemedewerkster van de Ambassade vertelde echter dat het niet mogelijk was dat de advocaat bij de toelichting door verzoekster op de visumaanvraag aanwezig was. Hierop moest de advocaat plaatsnemen in een (andere) wachtruimte.

Verzoekster klaagt erover dat haar advocaat door een baliemedewerkster van de Nederlandse Ambassade te Paramaribo werd geweigerd om bij de toelichting op haar visumaanvraag aanwezig te zijn.

De Nationale ombudsman oordeelde dat het vereiste van goede informatieverstrekking was geschonden. Enerzijds kon de Nationale ombudsman de minister van Buitenlandse Zaken volgen in zijn standpunt dat in beginsel alleen (visum)aanvragers, en dus niet andere personen die hen vergezellen, worden toegelaten tot een Ambassade wanneer zij daar een afspraak hebben om hun aanvraag te komen toelichten. De geringe omvang van de opvangruimtes van Ambassades, alsmede het feit dat het belangrijk is dat de aanvrager zelf vragen beantwoordt over bijvoorbeeld zijn of haar reisdoel rechtvaardigen dit. Anderzijds dienen er wel uitzonderingen mogelijk te zijn zoals bij minderjarigen, maar ook in het geval een aanvrager aangeeft graag tijdens zo'n toelichting juridische bijstand te willen. De minister heeft aangegeven dat een dergelijk verzoek tot juridische bijstand altijd zal worden gehonoreerd en de advocaat dan wordt toegelaten tot de Ambassade, mits dit vooraf aan de Ambassade is gemeld. De Nationale ombudsman acht ditgeen onredelijke eis, mits dit van tevoren duidelijk is aangegeven. Echter nu de ambassade op geen enkele wijze had bekendgemaakt dat men van tevoren dient aan te kondigen indien men zich van een advocaat wil laten vergezellen, had de advocaat niet de toegang mogen worden geweigerd. Dit is door de minister ook erkend tijdens het onderzoek.

Vereiste van goede informatieverstrekking, niet behoorlijk.

Instantie: Nederlandse ambassade te Paramaribo (Suriname)

Klacht:

verzoekers advocaat geweigerd om bij de toelichting op haar visumaanvraag aanwezig te zijn

Oordeel:

Gegrond