Escalatie staandehouding en inbeslagname spullen zonder goede uitleg

Rapport

Rico* rijdt om 04:30 uur 's morgens van een feest naar huis. Op een gegeven moment wordt hij staande gehouden door de politie. Rico is al vaker gecontroleerd door de politie. Hij denkt dat dit komt omdat hij een getinte huidskleur heeft. En er dus sprake is van etnisch profileren. Tijdens de staandehouding ontstaat een woordenwisseling. Dat leidt er uiteindelijk toe dat de politie Rico aanhoudt voor belediging. Hij wordt meegenomen naar het politiebureau. Daar besluit de politie om Rico's auto en de spullen die daarin liggen in beslag te nemen.

Na de klachtbehandeling bij de politie, dient Rico een klacht in bij de Nationale ombudsman. Zijn klacht bestaat uit verschillende onderdelen. Hij klaagt ten eerste over etnisch profileren. De ombudsman beoordeelt deze klacht als ongegrond. In het onderzoek van de ombudsman hebben de agenten uitgelegd waarom ze Rico hebben staande gehouden. Dit had te maken met de route die Rico reed, niet met zijn etniciteit.  

Rico klaagt ten tweede over het gedrag van de agenten tijdens de staandehouding. Hij vindt dat de agenten de staandehouding hebben doen escaleren. Deze klacht is gegrond. Een agent toonde niet direct het politielegitimatiebewijs, toen Rico daarom vroeg. En de politie legde niet direct uit waarom ze Rico staande hielden. Ook reageerde één van de agenten met 'je moet je bek houden' op een opmerking van Rico over etnisch profileren. Dit is niet professioneel en heeft de situatie verder geëscaleerd.

Rico klaagt ten derde over het handboeiengebruik na de aanhouding. Deze klacht is gegrond. Het handboeiengebruik was in strijd met de Ambtsinstructie van de politie.

De vierde en vijfde klacht van Rico gaan over geweldsgebruik tijdens de aanhouding en over racistische bejegening. Over deze klachten geeft de ombudsman geen oordeel omdat de verklaringen daarover teveel verschillen. De ombudsman vindt wel dat de politie Rico's klacht over racistische bejegening niet goed heeft behandeld. De politie had namelijk niet herkend dat Rico's klacht om racistische bejegening ging, terwijl dit wél duidelijk was.

De ombudsman oordeelt verder dat de politie niet behoorlijk heeft gehandeld bij de inbeslagname van de spullen in zijn auto. De politie heeft daarvoor geen goede uitleg gegeven en heeft niet voor fair play gezorgd.

Bij het ophalen van zijn auto en de andere voorwerpen komt Rico erachter dat een aantal voorwerpen kapot zijn. Hier heeft hij bij de politie over geklaagd. De ombudsman is van oordeel dat de politie deze klacht niet goed heeft behandeld. Ze heeft niet laten zien dat ze de klacht goed heeft onderzocht.

Ten slotte klaagt Rico bij de ombudsman over de klachtencommissie van de politie Rotterdam. Tijdens de zitting kwam de commissie partijdig op hem over. Over deze klacht geeft de ombudsman geen oordeel. Hij heeft alleen het verslag van de zitting en op basis van het verslag kan dit niet worden vastgesteld.

De Nationale ombudsman vindt het erg jammer om te zien dat iets dat relatief klein had kunnen zijn, iets veel groters geworden is. De staandehouding bleef niet bij de staandehouding, maar werd een aanhouding. En de aanhouding bleef niet bij de aanhouding, maar daarop volgde de inbeslagname van Rico's auto. En daarop de inbeslagname van de spullen die daarin lagen. In deze zaak heeft het gedrag van de politie daaraan bijgedragen. Dat is erg spijtig.  

*niet de echte naam

 

Instantie
Publicatienummer
2022/095