2017/004 Belastingdienst houdt bij bankbeslag geen rekening met loonbeslag op inkomen

Rapportnummer
2017/004
Rapport

De heer H. heeft schulden. Een deurwaarder heeft beslag op zijn loon gelegd voor diverse schuldeisers; de Belastingdienst past hier bovenop nog een overheidsvordering toe. Het gevolg hiervan is dat de heer H. in de maand juli 2016 ver onder de beslagvrije voet komt; van zijn loon van die maand houdt hij maar zo'n € 480,- over. Hierdoor kan hij zijn vaste lasten niet betalen en dus raakt hij alleen maar verder in de schulden. De heer H. vraagt de Belastingdienst om alsnog een beslagvrije voet vast te stellen over juli 2016 en hierbij rekening te houden met het loonbeslag. De Belastingdienst gaat echter uit van zijn loon zónder loonbeslag. De heer H. krijgt nog wel € 160,- terug, maar meer niet. Hiermee is zijn probleem dus nog niet opgelost. De Belastingdienst vindt dat hij correct heeft gehandeld: zijn vordering is preferent.

Ook de deurwaarder kan de heer H. niet helpen; hij int voor maar liefst zes verschillende schuldeisers en één van die schuldeisers heeft bovendien ook een preferente vordering.

Ten slotte komt de heer H. dan bij de Nationale ombudsman terecht.

Tijdens het onderzoek door de Nationale ombudsman wordt duidelijk dat er feitelijk geen verschil van inzicht bestaat over de situatie van de heer H. Zowel de deurwaarder als de Belastingdienst vindt dat beide partijen in hun recht staan, maar dat ook duidelijk is dat de beslagvrije voet op deze manier wordt aangetast. Eén van beide partijen zal daarom een stap terug moeten doen. De Belastingdienst laat de Nationale ombudsman weten dat hij daarvoor dan de meest gerede partij is, dit onder meer vanuit het belang van de burger. Uiteraard zal er dan geen sprake moeten zijn van spaartegoeden en is het aan betrokkene om de Belastingdienst te laten weten dat sprake is van een loonbeslag.

De Nationale ombudsman kan instemmen met dit standpunt van de Belastingdienst. Wel constateert hij dat de Belastingdienst in het geval van de heer H. in eerste instantie anders heeft gehandeld; daarom acht hij de klacht van de heer H. gegrond wegens strijd met het maatwerkvereiste.

Hij beveelt de Belastingdienst aan om zijn gewijzigde standpunt vast te leggen in de Leidraad invordering 2008 en om de informatieverstrekking hierover, onder meer op het formulier 'verzoek berekening beslagvrije voet', aan te passen.

Instantie: Belastingdienst

Klacht:

bij het vaststellen van de beslagvrije voet in verband met een overheidsvordering, geen rekening gehouden met het feit dat op verzoekers inkomen al loonbeslag ligt

Oordeel:
Gegrond