2015/184 Zorgkantoor CZ brengt toch deurwaarderskosten in rekening na onterechte vordering

Rapportnummer
2015/184
Rapport

Een pleegmoeder klaagt erover dat CZ Zorgkantoor (CZ) deurwaarderskosten van ongeveer € 330 in rekening heeft gebracht voor een achteraf onterechte vordering.

Verzoekster stelde dat zij deze kosten niet verschuldigd was omdat CZ ervan op de hoogte was dat zij de vordering betwistte en dat zij daartegen bezwaar zou maken.

CZ stelde zich op het standpunt dat verzoekster na een telefonische aanmaning zo snel mogelijk bezwaar had moeten maken. Nu verzoekster dat niet heeft gedaan was dat voor haar rekening. CZ verleende pas uitstel van betaling als het CZ een bezwaarschrift heeft ontvangen en niet als een burger aangeeft een bezwaarschrift te gaan indienen. CZ stelde zich op het standpunt dat het terecht de openstaande vordering had overgeheveld naar de deurwaarder omdat het toen nog geen bezwaarschrift van verzoekster had ontvangen.

CZ heeft toen de klacht bij de Nationale ombudsman voorlag, bij nader inzien voormelde deurwaarderskosten laten vervallen.

Met het latere standpunt heeft CZ laten zien dat het alsnog tot het inzicht is gekomen dat zijn eerdere standpunt ondeugdelijk was. Dit juicht de Nationale ombudsman toe. In zijn rapport 2013/003 'In het krijt bij de overheid' sprak de Nationale ombudsman uit dat dwanginvordering zoveel mogelijk moet worden voorkomen. In de fase van dwanginvordering zet de overheid haar verhaalsbevoegdheden zorgvuldig en proportioneel in. Daarbij past niet dat CZ de kosten van een door CZ ingeschakelde deurwaarder (om een vordering te innen) voor rekening van verzoekster laat komen, terwijl een bezwaar tegen die vordering door CZ in behandeling wordt genomen en gegrond wordt verklaard. Achteraf gezien had CZ in deze specifieke situatie, naar de mening van de Nationale ombudsman, beter kunnen wachten met dwanginvordering tot de bezwaarfase was afgerond.

Instantie: CZ Zorgkantoor (CZ)

Klacht:

deurwaarderskosten van ongeveer € 330 in rekening gebracht voor een achteraf onterechte vordering

Oordeel:
Gegrond