2009/237

Rapport

Verzoekster ontving voor haar kinderen kinderopvangtoeslag. De uitbetaling van deze toeslag werd per december 2008 door de Belastingdienst/Toeslagen stopgezet in verband met een onderzoek naar fraude bij het gastouderbureau waar verzoekster gebruik van maakte. Verzoekster was op het moment dat de fraude bekend werd gemaakt overgestapt naar een ander gastouderbureau.

Verzoekster klaagde erover dat de Belastingdienst geen kinderopvangtoeslag aan haar meer uitbetaalde terwijl zij reeds op 1 november 2008 van gastouderbureau was veranderd. Door deze situatie kwam verzoekster in ernstige financiële problemen.

De Belastingdienst ging over tot het opschorten van de betalingen kinderopvangtoeslag op grond van het vermoeden dat het voorschot ten onrechte was verleend. Gezien het door verzoekster ingediende wijzigingsverzoek had het de Belastingdienst echter kenbaar kunnen zijn dat verzoekster reeds op 1 november 2008 was overgestapt naar een ander gastouderbureau dat niet bij het fraudeonderzoek betrokken was. De Belastingdienst had, dan wel na het door verzoekster ingediende wijzigingsverzoek, dan wel na geconfronteerd te zijn met de klacht die verzoekster bij de Nationale ombudsman indiende, over moeten gaan tot betaling van de achterstallige kinderopvangtoeslag alsmede tot hervatting van de reguliere betalingen. Het nalaten hiervan heeft grote financiële consequenties gehad voor verzoekster.

De Nationale ombudsman oordeelde dat de klacht gegrond was wegens schending van het evenredigheidsvereiste.

De Nationale ombudsman heeft met instemming kennisgenomen van het feit dat tijdens het onderzoek de achterstallige bedragen alsnog zijn uitbetaald.

Instantie: Belastingdienst/Toeslagen te Utrecht

Klacht:

Geen kinderopvangtoeslag uitbetaald in verband met het lopende onderzoek naar fraude bij het gastouderbureau.

Oordeel:

Gegrond