Onverwachte verrassing

Column
Vrouw met lang rood haar

Priscilla* is in 1999 aangereden door een scooter. Tot op de dag van vandaag heeft ze daar nog steeds last van. Lopen, staan en zitten gaan vaak gemoeid met veel pijn. Als pleister op de wond krijgt ze voor haar lichamelijk letsel in 2009 een bedrag van € 20.000 aan smartengeld. Omdat ze nog wel wat jaren vooruit moet, en verder alleen een bijstandsuitkering ontvangt, zet ze dit bedrag apart op een bankrekening. Niet wetende dat dit nog wel eens nadelig voor haar zou kunnen uitpakken

Begin 2013 krijgt Priscilla ineens bericht van de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR): ze komt niet meer in aanmerking voor kwijtschelding van de gemeentelijke heffingen. Haar financiële vermogen is namelijk te hoog. Maar dat was die jaren daarvoor toch ook al zo toen de gemeente zelf nog de heffingen deed? Toen kreeg zij wel kwijtschelding. Ze heeft de gemeente destijds op de hoogte gebracht van de ontvangen schadevergoeding en dat heeft nooit gevolgen gehad voor haar bijstandsuitkering. Waarom nu dan ineens geen kwijtschelding meer voor de lokale heffingen? Met hulp van haar juridisch adviseur gaat zij hiertegen in beroep bij de BSGR. Dat levert niets op. Samen met haar juridisch adviseur klopt ze bij ons aan en vertelt ons dat ze enorm verrast is. Vooral omdat haar nooit is verteld dat de BSGR na een paar jaar bij de beoordeling van kwijtschelding ineens wél rekening houdt met de ontvangen schadevergoeding.

Wij leggen de zaak voor aan de BSGR en stellen een aantal vragen. Volgens de BSGR heeft Priscilla nooit iets gemeld over de ontvangen schadevergoeding. Daarom trekt de BSGR nu ook alsnog de reeds verleende kwijtschelding voor 2012 in. Nu zijn ook wij onaangenaam verrast. Het kan toch niet zo zijn dat Priscilla, nadat zij een klacht heeft ingediend over de BSGR bij de Nationale ombudsman, daardoor in een slechtere positie komt dan daarvoor? Wij dringen erop aan om hier vanaf te zien.

Priscilla  heeft het bedrag aan schadevergoeding opzij gezet om eventuele toekomstige voorzieningen te kunnen treffen vanwege haar lichamelijke beperkingen. Maar niet om dat geld te gebruiken voor dagelijkse verplichtingen zoals lokale heffingen. Dat betekent niet dat de BSGR tot in de eeuwigheid kwijtscheldingsverzoeken hiervoor moet accepteren. De BSGR zou de ontvangen schadevergoeding voor een aantal jaren buiten beschouwing kunnen laten bij het bepalen van een kwijtscheldingsverzoek. Maar dan wel op zo’n manier dat de aanvrager van kwijtschelding daarover van te voren wordt geïnformeerd. Wij hebben de BSGR aanbevolen om een duidelijk beleid te formuleren voor het beoordelen van kwijtscheldingsverzoeken in dit soort situaties. En om dat beleid  ook aan betrokkenen bekend te maken zodat ze niet, zoals Priscilla, ineens geconfronteerd worden met onverwachte verrassingen.

Voor Priscilla toch nog een lichtpuntje: de intrekking van de kwijtschelding over 2012 gaat niet door. En ze ontvangt de helft terug van het inmiddels betaalde bedrag aan lokale heffing over 2013.

* Gefingeerde naam
De persoon op de foto is niet de persoon uit deze column