Teveel obstakels bij zoektocht tijdelijke plek

Noodopvang voor veteranen schiet tekort

Nieuwsbericht
Man in t-shirt zit in donker op de stoep, blaast in handen tegen kou

Als veteranen dringend noodopvang zoeken, komen zij teveel obstakels tegen. Dat schrijft de Veteranenombudsman vandaag in zijn rapport over de noodopvangmogelijkheden voor veteranen. De ombudsman ontving hierover de afgelopen jaren regelmatig klachten.

Veteranen kunnen door uitzending al dan niet blijvende lichamelijke en/of psychische klachten krijgen. Soms kunnen ze daardoor niet meer in hun eigen huis blijven en hebben ze dringend tijdelijk een andere plek nodig. Als ze die niet zelf kunnen vinden, kunnen ze een beroep kunnen doen op Defensie en/of het Nederlands Veteraneninstituut. "Maar dan moet dat wel goed geregeld zijn", zegt Veteranenombudsman Reinier van Zutphen. "Dat is nu niet het geval. De overheid heeft niet voor niets een bijzondere zorgplicht voor veteranen. Door de manier waarop de noodopvang nu is geregeld, voelen veteranen zich in de steek gelaten."

Knelpunten

De Veteranenombudsman constateert in zijn rapport een aantal knelpunten. Zo is onduidelijk welke instantie de regie heeft bij noodopvang. Zowel veteranen als hun familie en hulpverleners weten vaak niet waar zij terecht kunnen en instanties verwijzen over en weer naar elkaar. Met als gevolg dat veteranen soms noodgedwongen zijn aangewezen op de daklozenopvang. Verder neemt het Veteranenloket alleen hulpverzoeken aan van veteranen zelf, of hun partners. Terwijl vaak ook anderen in hun directe omgeving, zoals familie, buren, dienstmaten of vrienden, heel goed kunnen inschatten of een veteraan hulp nodig heeft. Ook zijn onder meer de wachttijden lang en zijn er te weinig opvangmogelijkheden voor de langere duur dan twee weken. Tot slot wordt er verschil gemaakt tussen veteranen met en zonder een zogenoemde erkende dienstverbandaandoening.

Aanbevelingen

De Veteranenombudsman doet op basis van die knelpunten aanbevelingen om de opvangmogelijkheden voor veteranen te verbeteren. In het najaar bekijkt hij hoe de minister de aanbevelingen heeft uitgevoerd, tot welke resultaten dat heeft geleid en wat dat betekent voor de noodopvang voor veteranen.