Minderjarige Syriëganger: overheid reageerde adequaat, maar informeerde vader onvoldoende

Nieuwsbericht
foto van strijder in Syrië

Gemeente en politie moeten ouders informeren als hun minderjarig kind in beeld is vanwege zorgen om radicalisering. Dit schrijven de Nationale ombudsman, Reinier van Zutphen, en de Ombudsman Metropool Amsterdam, Arre Zuurmond, in een rapport naar aanleiding van een minderjarig omgekomen Syriëganger. Eind september 2012 was bij de politie bekend dat de jongen radicaliseerde. Inmiddels heeft de overheid veel maatregelen genomen om radicalisering en uitreizen te voorkomen en te bestrijden.

Zijn vader meldde eind 2013 bij de gemeente en de politie zijn zorgen over een mogelijke uitreis van zijn zoon. Hij klaagde bij de Nationale ombudsman en de Ombudsman Metropool  Amsterdam dat de gemeente en de politie niet hebben voorkomen dat de zoon naar Syrië reisde.

De ombudsmannen concluderen dat beide instanties na deze melding voldoende adequaat hebben gereageerd, maar de uitreis niet hebben kunnen voorkomen.

De politie en de gemeente hadden de zoon al langer voor de melding van de vader vanwege zorgen om radicalisering in beeld. De ombudsmannen concluderen wel dat beide instanties nalieten de vader hierover te informeren. Ook is de vader niet goed op de hoogte gehouden na de vermissing van zijn zoon.

De ombudsmannen stellen dat de overheid niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor het feit dat iemand radicaliseert, uitreist en vervolgens omkomt. De overheid heeft een scala van maatregelen ontwikkeld om personen die radicaliseren op een ander pad te krijgen of drempels op te werpen om uitreizen te voorkomen, maar de invloed van de overheid is beperkt. Wanneer mensen echt willen uitreizen, is de kans groot dat zij daartoe op enig (geschikt) moment zullen overgaan.