Reactie van ministers op aanbevelingen rapport Verlies Nederlanderschap

Nieuwsbericht
Foto van een Nederlands paspoort

Op 10 mei 2016 bracht de Nationale ombudsman het rapport "Verlies Nederlanderschap" (2016/145) uit. In dit rapport constateerde de ombudsman dat er veel (oud-) Nederlanders zijn die tegen hun wil en zonder zich er bewust van te zijn hun Nederlanderschap zijn kwijt geraakt.

De Nationale ombudsman vindt dat de burgers van de overheid mogen verwachten dat zij hen actief, adequaat en tijdig informeert over de mogelijkheid van verlies van het Nederlanderschap. Dit is niet altijd gebeurd, in die zin is de overheid tekort geschoten. Daarom deed de ombudsman de verantwoordelijke ministers (BZ, BZK en V&J) een aantal aanbevelingen om te voorkomen dat mensen nog langer tegen hun wil en zonder het te weten hun Nederlanderschap verliezen.

Reactie ministers

De ministers reageerden onlangs per gezamenlijke brief op deze aanbevelingen. Hoewel de conclusie dat de informatieverstrekking niet voldoende was geweest niet geheel werd gedeeld, onderschreven de ministers het belang van goede voorlichting en verklaarden zich bereid een groot deel van de aanbevelingen op te volgen, zoals onder meer door:

  • een brochure (digitaal) uit te brengen met als thema: "hoe voorkom ik dat ik mijn Nederlanderschap verlies"
  • in elk paspoort dat aan Nederlanders in het buitenland wordt verstrekt een inlegvel met informatie te voegen
  • grensgemeenten op te dragen gericht informatie over dit onderwerp te informeren
  • de mogelijkheid te onderzoeken om via bestaande registers Nederlanders in het buitenland gericht te informeren over de regels en de wijzigingen
  • gericht informatie te verstrekken op websites van de overheid die zich richten op emigratie vanuit Nederland

Verder lieten de ministers onder meer nog weten

  • de nationaliteitswetgeving niet in strijd te achten met het Europese Nationaliteitsverdrag
  • geen aanleiding te zien voor een spijtoptantenregeling met uitzondering voor een kleine bijzondere groep