Ombudsman: voetbalsupporters niet zomaar fotograferen en registreren

Nieuwsbericht
Foto van voetbalsupporters

De Nationale ombudsman, Alex Brenninkmeijer, pleit voor meer openheid over het fotograferen en registreren van voetbalsupporters. Dit is een van zijn aanbevelingen na onderzoek naar het fotograferen en vastleggen van persoonsgegevens van voetbalsupporters door de politie. Wel vindt de ombudsman het te begrijpen dat de politie foto's maakt en persoonsgegevens vast legt om de openbare orde en veiligheid te bewaren.

De Nationale ombudsman levert met dit onderzoek een bijdrage aan de maatschappelijke discussie over het beheersen van de openbare orde en veiligheid rond wedstrijden in het betaald voetbal. Hij onderzocht hoe de korpsen Rotterdam-Rijnmond en Amsterdam-Amstelland omgaan met het fotograferen en bewaren van persoonsgegevens van supporters.

De politie mag niet zomaar beeldmateriaal verzamelen en overschrijdt een grens als foto's aan persoonsgegevens worden gekoppeld. 'Supporters worden onvoldoende geïnformeerd over de redenen waarom de politie foto's maakt bij de wedstrijden. Ze vragen zich af waar die gegevens terechtkomen en wat er mee gebeurt', aldus Brenninkmeijer. Ook vindt hij dat de politie Rotterdam-Rijnmond het standaard fotograferen bij elke thuiswedstrijd van Feyenoord moet heroverwegen omdat uit het onderzoek blijkt dat het niet nodig is.

Supporters zelf verantwoordelijk

De nieuwe 'Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast' is gericht op de aanpak van individuele overlastgevers. De Nationale ombudsman vindt het niet ter discussie staan dat de politie deze groep aanpakt. Brenninkmeijer: 'Dat zijn tussen de 500 en 1000 personen per politiekorps, de gewone voetbalsupporter wordt niet door de maatregel geraakt. Je bent zelf verantwoordelijk. Je hoeft niet met je negenjarige zoon tussen de hooligans te staan.' Uit het onderzoek is gebleken dat niet alle supporters last hebben van de maatregelen die de politie neemt tegen probleemsupporters.

Aanleiding onderzoek

In april dit jaar startte Brenninkmeijer dit onderzoek naar aanleiding van de zorgen die verschillende supportersverenigingen hierover bij hem hadden geuit. Zij vonden dat de goeden onder de kwaden moesten lijden. In zijn onderzoek richtte de Nationale ombudsman zich op twee incidenten rondom voetbalwedstrijden in Rotterdam en Amsterdam. Het eerste incident betreft een politieactie in een supporterscafé in Amsterdam en borduurt voort op het rapport 2011/112, het tweede is het fotograferen van  een groep supporters voor aanvang van de wedstrijd Feyenoord-AZ van 2 april jl.