Hanneke Bakker van Blijf Groep over aanhoudende knelpunten in de vrouwenopvang: “Er zijn zeker stappen gezet, maar niet genoeg’’

Op deze pagina

    Tekstpagina

    Foto van een vrouw op een stoel kijkend uit het raam

    Ongeveer 12.000 vrouwen maken jaarlijks noodgedwongen gebruik van een plek in een vrouwenopvang. Vaak zijn zij mishandeld, hebben ze financiële problemen en gaat het psychisch niet goed met ze. In 2017 deed de Nationale ombudsman onderzoek naar (financiële) knelpunten in de vrouwenopvang. Vandaag kwam het vervolgonderzoek uit. Daaruit blijkt dat overheden nog stappen kunnen zetten. Hoe ziet Hanneke Bakker dat? Als directeur-bestuurder van Blijf Groep heeft zij dagelijks te maken met slachtoffers van huiselijk geweld. In dit artikel reageert ze op het vervolgonderzoek van de Nationale ombudsman.  

    Blijf Groep heeft haar roots in de Blijf-van-mijn-lijfhuizen. Vanaf de jaren zeventig vonden vrouwen hier een veilig onderkomen, weg van het geweld thuis. Veertig jaar later is dit helaas nog steeds hard nodig. Vele slachtoffers van huiselijk geweld verblijven tegenwoordig in een van de opvanglocaties van Blijf Groep. Hoe helpt de overkoepelende organisatie deze kwetsbare mensen? Door te zorgen voor veiligheid, hulp en een onderkomen in een acute crisissituatie. Door de slachtoffers met behandelingen en gesprekken hun problemen actief aan te laten pakken. En door zich te richten op de structurele aanpak van huiselijk geweld.

    Eenmaal in de opvang zijn de problemen van slachtoffers niet meteen opgelost. Sterker nog, op financieel gebied raken mensen soms juist verder in de knel. Dat concludeerde de Nationale ombudsman al in 2017 in zijn onderzoek naar knelpunten in de vrouwenopvang. Hij deed een oproep aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en gemeenten. Een jaar later ging hij aan tafel zitten met opvanglocaties, waaronder Blijf Groep, en gemeenten. Welke problemen zijn er opgelost? En wat moet er nog gebeuren?

    De conclusies op hoofdlijnen: nog steeds hebben vrouwen in de vrouwenopvang moeite door te stromen naar een huurwoning. Nog altijd zorgt het aanvragen van toeslagen voor administratief gedoe. De samenwerking tussen gemeenten is op gang gebracht, maar kan nog veel beter. Hanneke Bakker vertelt hoe Blijf Groep dat in de praktijk ervaart.

    Herkent u het beeld dat de Nationale ombudsman schetst in zijn vervolgonderzoek?

    “Zonder meer. Je moet beseffen dat het gemiddeld zeven jaar duurt voordat vrouwen de stap zetten hulp te zoeken. Ze hebben vaak geen huis meer, geen zelfstandig inkomen en jonge kinderen. In veel gevallen werkt een echtgenoot haar ook nog tegen, bijvoorbeeld door haar deel van de toeslagen niet over te maken. Het gebeurt zelfs wel eens dat een man een verkeersboete op naam van zijn vrouw zet, terwijl zij niet eens een rijbewijs heeft. Dit zijn complexe situaties. Deze vrouwen komen in kwetsbare toestand bij ons aan. Het kost ze veel kracht en hulp om de simpelste dingen voor elkaar te krijgen. Dan wordt het ze ook nog moeilijk gemaakt door allerlei regelingen.”

    Aan wat voor soort regelingen moeten we dan denken?

    “Neem het aanvragen van een uitkering. Om die te krijgen, moet een vrouw ingeschreven staan in de gemeente waar de uitkering wordt aangevraagd. Je mag een briefadres aanvragen bij een instelling, zoals Blijf Groep, maar niet alle vrouwen willen dat bekend is waar zij verblijven. Dus vragen ze een briefadres aan bij de gemeente. Uit de praktijk blijkt dat veel gemeenten dat niet toekennen, omdat ze niet goed naar de situatie van de vrouw in kwestie kijken. Het gevolg is dat de vrouw minder inkomen binnen krijgt en bijvoorbeeld verder in de schulden komt.”

    Foto van Hanneke Bakker, directeur-bestuurder van Blijf Groep
    Hanneke Bakker, directeur-bestuurder van Blijf Groep (fotograaf: Ralf Mitsch)

    Wat zijn andere financiële knelpunten voor vrouwen in de opvang?

    “Ook bij het aanvragen van kinderbijslag lopen vrouwen tegen problemen aan. Het kan zijn dat die kinderbijslag op de bankrekening van de vader wordt gestort, terwijl de vrouw met haar kind(eren) in de opvang is. Bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) moet de vrouw een verzoek indienen voor kinderbijslag. De SVB moet dan eerst zeker weten dat het kind niet meer bij de vader woont. Daar gaan soms maanden overheen, terwijl vrouwen al die tijd geen inkomen krijgen en hun situatie niet verbetert. Als er meteen gezorgd zou worden dat deze vrouwen een inkomen hebben, kunnen er snel stappen gezet worden, bijvoorbeeld in het vinden van een nieuwe woning. Al is de uitstroom uit de vrouwenopvang ook een knelpunt, omdat de woningnood hoog is en je zonder schuldhulpverlening niet in aanmerking komt voor een woning.”

    “Buiten de lijntjes denken, ho maar’’

    “Toeslagen en uitkeringen van overheidsinstellingen als de SVB en de Belastingdienst zijn in de basis bedacht om mensen te ondersteunen die dat nodig hebben. Maar het systeem is gericht op normale situaties. Op mensen die wel zelf toeslagen kunnen aanvragen, een baan kunnen vinden en zelfredzaam zijn. Facebookgezinnen, noem ik dat. En de mensen die de hulp écht nodig hebben, vallen buiten het systeem. Omdat ze bijvoorbeeld nog midden in een scheiding zitten. Buiten de lijntjes denken, ho maar.”

    Is er sinds het onderzoek uit 2017 dan zo weinig veranderd?

    “Begrijp me niet verkeerd, er zijn zeker stappen gezet. Maar niet genoeg. We hebben speciale teams nodig binnen overheidsinstanties die nauwer samenwerken met zorginstanties. Mensen met de kennis die nodig is. Mensen die weten hoe complex een bepaalde situatie is en hoeveel stress deze vrouwen hebben. Het zou fijn zijn als de mensen die bij grote organisaties werken zelf de ruimte krijgen om beslissingen te maken, ook al werkt het systeem anders.’’

    “Waar ik verder blij mee ben, is dat we met zes gemeenten hebben afgesproken dat vrouwen de eerste maand geen eigen bijdrage hoeven betalen. Dat is een bijdrage in de kosten voor de opvang. Vanaf nu nemen die zes gemeenten dat de eerste maand over. Dit geldt alleen nog lang niet voor alle gemeenten in Nederland. Overal werkt het weer anders.”

    Op welke manier helpt Blijf Groep deze vrouwen met financiële problemen?

    “Een bak met geld hebben we helaas niet, maar in de praktijk gebeurt het zeker dat we de eigen bijdrage aan het verblijf voorschieten. Of zelfs helemaal betalen. In theorie zouden we een groot bedrag kunnen invorderen bij alle vrouwen, maar dat doen we niet altijd. Aan de financiële problemen op langere termijn proberen we zo snel mogelijk te werken. Samen met de vrouwen. Met andere opvangorganisaties zijn we het project Grip op Geld gestart. Daarmee hopen we vrouwen in de opvang meer financieel zelfredzaam te maken.”

    “Daarnaast hebben we mensen in dienst die opgeleid zijn om slachtoffers van huiselijk geweld te helpen met financiële problemen. Dat betekent wel dat we keuzes maken. Omdat schulden veel invloed hebben op het stressniveau van de gezinnen, gaan we daar vaak meteen mee aan de slag. Toch zijn we er in de basis vooral om de veiligheid te garanderen. Nu compenseren wij wat andere organisaties en gemeenten zouden moeten doen, bijvoorbeeld als het gaat om schuldhulpverlening.”

    “Het is triest dat we een ombudsman nodig hebben om dit op de kaart te zetten”

    Wat kunnen overheden volgens u doen om de situatie van vrouwen in de opvang te verbeteren?

    “Ik zou graag zien dat er binnen de enorme overheidsorganisaties een paar mensen zijn die de rol van contactpersoon naar ons toe op zich nemen. En dat die dan wat ruimte hebben om af te wijken van de standaardregels.”

    “Ik ben enorm blij dat de Nationale ombudsman aan de bel trekt met dit rapport. Wij zien in de praktijk ook dat schulden oplopen en dat de situatie van veel vrouwen in dat opzicht verergert. De bereidheid is er bij veel gemeenten wel, maar dat is vooral op individueel niveau: het helpen van één cliënt. Daarmee veranderen we het systeem nog niet. Zoals uit het rapport blijkt: er is beweging, maar daarmee zijn we er nog niet. De situatie van vrouwen in de opvang moet gevolgd blijven worden. Gelukkig gaat de ombudsman dat doen.”

    “Tegelijkertijd dacht ik na het lezen van het rapport: wat triest dat we een ombudsman nodig hebben om dit op de kaart te zetten. Hadden we als Blijf Groep en als sector niet eerder met de vuist op tafel moeten slaan? Soms zijn we te aardig. We houden ons altijd bezig met snel handelen en situaties oplossen. Dat is logisch, want we hebben te maken met crisissituaties. Maar daardoor komt het maken van een statement pas later. Dat heeft de ombudsman nu wel gedaan – en dat is helemaal terecht.”

    Wilt u meer weten over de Blijf Groep? Kijk dan op de website. Ook als u iemand bent of kent die te maken heeft met huiselijk geweld. In dit filmpje komt u snel meer te weten over de organisatie.

    Waarom brengt de Nationale ombudsman dit?

    De Nationale ombudsman ontvangt signalen dat vrouwen in de vrouwenopvang geregeld tegen problemen aanlopen. In 2017 deed de Nationale ombudsman onderzoek naar knelpunten in de vrouwenopvang. Vandaag publiceren we een vervolgonderzoek. Hierin benoemen we welke knelpunten zijn opgepakt en wat er nog moet gebeuren. Het uitgangspunt van de Nationale ombudsman: de overheid moet er voor iedereen zijn. Niemand mag buiten de boot vallen.